Het Vlaams EnergieBedrijf (VEB) wenst met deze opdracht de aankoop van elektriciteit voor de jaren 2018-2019 te verzekeren.
Het VEB ziet verschillende oplossingen voor de aankoop van elektriciteit, en wenst daarom deze oplossingen in het kader van een concurrentiedialoog met geïnteresseerde marktpartijen uit te werken. Met de concurrentiedialoog wenst het VEB de mogelijkheden in de elektriciteitsmarkt te detecteren en de alternatieven voor toekomstige samenwerking te beoordelen. Als resultaat van deze concurrentiedialoog wenst het VEB de economisch meest voordelige oplossing voor de aankoop van elektriciteit te kiezen.
A. Het VEB als aankoopcentrale.
Het VEB werd op 25.1.2012 opgericht door het Vlaams Gewest op basis van het decreet houdende machtiging tot oprichting van het privaatrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap nv Vlaams Energiebedrijf, met als doel activiteiten te ontwikkelen inzake energiebesparing en energielevering. Het VEB is een 100 % dochteronderneming van Participatie Maatschappij Vlaanderen (PMV).
In het kader van zijn decretale taak koopt het VEB in eigen naam elektriciteit aan, die het vervolgens aan aanbestedende overheden doorverkoopt. Het VEB vervult deze taak als aankoopcentrale in de zin van artikel 2, 4°, van de wet overheidsopdrachten voor werken, leveringen en diensten van 15.6.2006.
De aankoopcentrale is de rechtsfiguur die toestaat dat de centrale zelf eerst leveringen of diensten verwerft ten behoeve van andere aanbestedende overheden. De aankoopcentrale koopt dus eerst in eigen naam en voor eigen rekening goederen of diensten aan, welke zij vervolgens aan andere aanbestedende overheden verkoopt. In de relatie tussen de aankoopcentrale en de overheden die er gebruik van maken, hoeft geen aanbestedingsprocedure te worden georganiseerd op voorwaarde dat de aankoopcentrale zelf haar opdracht organiseert overeenkomstig de wetgeving overheidsopdrachten (zie artikel 15 van de wet van 15.6.2006).
Het VEB zal in het kader van onderhavige opdracht aldus — als aankoopcentrale — de volledige verantwoordelijkheid dragen voor zowel de correcte gunning als het toezicht op de uitvoering van deze opdracht.
De inschrijver krijgt, als bijlage A, een beschrijving van de doelgroep van de aankoopcentrale, dat wil zeggen instellingen die reeds toegetreden zijn tot de aankoopcentrale en vanaf 1.1.2018 beleverd zullen worden en instellingen die nog niet toegetreden zijn, maar die mogelijks zullen toetreden met het oog op belevering met ingang van 1.1.2018. Het VEB gaat er van uit dat per 1.1.2018 het totaal jaarverbruik van dit portfolio ongeveer 720 MWh zal bereikt worden. De doelgroepen zoals aangegeven dienen in zijn meest ruime zin geïnterpreteerd te worden (bv.: onder een gemeente kunnen ook het OCMW van die gemeente, de autonome gemeentebedrijven, verenigingen, … begrepen worden). De volumes zijn een raming en kunnen afwijken gezien klimatologische omstandigheden en/of effectieve aansluitingsdatum van de klant bij de aankoopcentrale. Dit impliceert dat deze volume-indicaties niet beschouwd kunnen worden als minimale of maximale begrenzing.
Minstens aan het eind van de concurrentiedialoog zal geaggregeerde data rond profielen en verbruiken binnen het portfolio van het VEB aan de deelnemers.
B. Inhoud van de opdracht.
In de voorbije jaren sloot het VEB reeds verschillende leveringscontracten die betrekking hadden op de bevoorrading van elektriciteit en de bijhorende operaties.
Voor de periode 2018-2019 wenst het VEB opnieuw, als aankoopcentrale, een opdracht voor de levering van elektriciteit in de markt te plaatsen. Het VEB overweegt evenwel om niet langer van de klassieke formule gebruik te maken waarbij het de bevoorrading van elektriciteit én de bijhorende operaties samen in één opdracht aanbesteedt.
Het VEB heeft verschillende oplossingen voor ogen:
1) Het VEB gunt in het kader van deze opdracht de bevoorrading van elektriciteit en de bijhorende operaties aan 1 opdrachtnemer (i.e. status quo met de lopende contracten).
2) Het VEB koopt zelf rechtstreeks energie aan, bijvoorbeeld op Belpex, na berekening door de opdrachtnemer. De opdracht heeft dan louter betrekking op het uitvoeren van de operaties.
Met bevoorrading wordt bedoeld de aankoop van elektriciteit door het VEB.
Met operaties wordt minstens bedoeld (i) het voorspellen op dagelijkse basis van het verbruik van de klanten van het VEB, (ii) nomineren van het volume bij Elia, (iii) intraday balancing op de dag waarop de aangekochte energie wordt verbruikt, en (iv) nomineren van intraday verrichtingen. De opdrachtnemer treedt in dit kader op als evenwichtsverantwoordelijke voor het portfolio van het VEB.
In het kader van de concurrentiedialoog wenst het VEB van de deelnemers voorstellen te krijgen voor de concrete organisatie van deze beide oplossingen. Het staat de deelnemers vrij om een eigen oplossing, die afwijkt van voorgaande oplossingen, voor te stellen. Het VEB zoekt hierbij naar de economisch meest voordelige organisatie (i.e. beste prijs-kwaliteit verhouding) van de bevoorrading en operaties. De voorstellen van de deelnemers zullen daaraan worden getoetst.
Voor het tweede alternatief zal in de concurrentiedialoog bijzondere aandacht worden besteed aan de goede definitie van en interactie tussen de bevoorradingsfunctie (die eventueel door VEB zou worden opgenomen), en de operaties (die door de opdrachtnemer zou worden uitgevoerd). In het bijzonder (niet limitatief) wordt gedacht aan (i) de verdeling van verantwoordelijkheden en aansprakelijkheid, en (ii) efficiënte communicatie tussen de bevoorradingsfunctie en de operaties.
Voor alle oplossingen wenst het VEB in de dialoogfase bijzondere aandacht te besteden aan de risicobeheersing door de opdrachtnemer met betrekking tot de risico's die zich bij de uitvoering van zijn opdracht kunnen stellen. Een veel voorkomend risico van de opdrachtnemer zijn bijvoorbeeld de onevenwichtsprijzen die aan Elia worden betaald in geval van onbalans van het portfolio van VEB. Als evenwichtsverantwoordelijke zullen deze onevenwichtsprijzen door de opdrachtnemer worden betaald. Het VEB verwacht van zijn opdrachtnemer een voldoende robuuste risicobeheersing, zodat de opdrachtnemer in staat is om deze aan de opdracht eigen risico's, bijvoorbeeld een onevenwichtsprijs, te absorberen zonder dat de verdere uitvoering van de opdracht in het gedrang komt.
Vervolgens wenst het VEB de mogelijkheid tot vraagsturing (ofwel „demand response”) in het kader van deze opdracht te onderzoeken. Het VEB (i) wenst te identificeren of vraagsturing operationeel in het proces van bevoorrading en operaties al dan niet te integreren valt, (ii) hoe de integratie ervan in de procesketen er zal uitzien en (iii) onder welke voorwaarden de deelnemers aan de dialoog dit zien.
Vraagsturing wordt hier gedefinieerd als een verandering van (elektrisch) energieverbruik en of productie door de klanten binnen het portfolio van het VEB in functie van marktomstandigheden. Met marktomstandigheden worden economische omstandigheden of prijsvariaties bedoeld op de groothandelsmarkt, zoals de Day Ahead markt voor elektriciteit, intradaymarkt voor elektriciteit, onbalansmarkt georganiseerd door de Belgische hoogspanningsnetbeheerder Elia en / of regelvolume dat door Elia georganiseerd en geactiveerd wordt voor de handhaving van het netevenwicht (bijvoorbeeld R1, R2, R3 en strategische reserve). Gezien het VEB geen toegang heeft tot deze markten (met uitzondering, en afhankelijk van het resultaat van de concurrentiedialoog, de Day Ahead markt) maar wel in de toekomst het potentieel wenst te detecteren in diens portfolio, wens het VEB de mogelijkheid te onderzoeken om dit in het proces met zijn toekomstige opdrachtnemer te integreren, omdat deze laatste wel toegang tot deze markten heeft. Gezien de complexiteit van vraagsturing, wenst het VEB de randvoorwaarden en de contractuele modaliteiten voor dergelijke vraagsturing in de dialoogfase te bespreken.